Psalmen 11
Op de HEER vertrouw ik: hoe kunt u tot mijn ziel zeggen: Vlucht als een vogel naar uw berg?
Want zie, de goddelozen spannen hun boog, zij leggen hun pijl op de pees, om heimelijk te schieten op de oprechten van hart.
Als de fundamenten worden vernietigd, wat kan de rechtvaardige dan doen?
De HEER is in Zijn heilige tempel, de troon van de HEER is in de hemel: Zijn ogen aanschouwen, Zijn oogleden beproeven de kinderen der mensen.
De HEER beproeft de rechtvaardige: maar de goddeloze en wie geweld liefheeft, haat Zijn ziel.
Over de goddelozen zal Hij vuur en zwavel regenen, en een verschrikkelijke storm: dit zal het deel van hun beker zijn.
Want de rechtvaardige HEER heeft gerechtigheid lief; Zijn aangezicht aanschouwt de oprechten.
7 verzen
Statenvertaling