Psalmen 96
Zing voor de HEER een nieuw lied; zing voor de HEER, gij ganse aarde.
Zing voor de HEER, prijs Zijn naam; verkondig Zijn heil van dag tot dag.
Vertel Zijn heerlijkheid onder de heidenen, Zijn wonderen onder alle volken.
Want de HEER is groot en zeer te prijzen; Hij is te vrezen boven alle goden.
Want alle goden der volken zijn afgoden; maar de HEER heeft de hemelen gemaakt.
Eer en majesteit zijn voor Zijn aangezicht; kracht en schoonheid zijn in Zijn heiligdom.
Geeft de HEER, o gij geslachten der volken, geeft de HEER eer en kracht.
Geeft de HEER de eer van Zijn naam; brengt een offer en komt in Zijn voorhoven.
Aanbidt de HEER in de heerlijkheid der heiligheid; beeft voor Hem, gij ganse aarde.
Zeg onder de heidenen dat de HEER regeert; ook is de wereld bevestigd, zodat zij niet bewogen zal worden; Hij zal de volken rechtvaardig richten.
Laat de hemelen zich verblijden en de aarde zich verheugen; laat de zee bruisen met al haar volheid.
Laat het veld juichen en al wat daarin is; dan zullen alle bomen van het woud jubelen
Voor de HEER; want Hij komt, want Hij komt om de aarde te richten; Hij zal de wereld richten met gerechtigheid, en de volken met Zijn waarheid.
13 verzen
Statenvertaling