Terug naar 1 Koningen 1
VSV
Statenvertaling

1 Koningen 1:25

Want hij is heden neergedaald en heeft runderen en vet vee en schapen in overvloed geslacht, en heeft alle zonen van de koning genodigd, en de bevelhebbers van het leger, en Abiathar, de priester; en zie, zij eten en drinken voor zijn aangezicht en zeggen: Leve koning Adonia!

Kruisverwijzingen

Context

1 Koningen 1 — omringende verzen

20

En gij, mijn heer de koning, de ogen van heel Israël zijn op u gericht, dat gij hun zoudt zeggen wie op de troon van mijn heer de koning na hem zal zitten.

21

Anders zal het gebeuren, wanneer mijn heer de koning bij zijn vaderen ontslapen is, dat ik en mijn zoon Salomo als overtreders beschouwd zullen worden.

22

En zie, terwijl zij nog met de koning sprak, kwam Nathan, de profeet, ook binnen.

23

En zij berichtten de koning en zeiden: Zie, Nathan, de profeet. En toen hij voor de koning binnengekomen was, boog hij zich voor de koning neer met zijn aangezicht ter aarde.

24

En Nathan zei: Mijn heer de koning, hebt gij gezegd: Adonia zal na mij regeren, en hij zal op mijn troon zitten?

25

Want hij is heden neergedaald en heeft runderen en vet vee en schapen in overvloed geslacht, en heeft alle zonen van de koning genodigd, en de bevelhebbers van het leger, en Abiathar, de priester; en zie, zij eten en drinken voor zijn aangezicht en zeggen: Leve koning Adonia!

26

Maar mij, zelfs mij, uw dienaar, en Zadok, de priester, en Benaja, de zoon van Jojada, en uw dienaar Salomo, heeft hij niet genodigd.

27

Is deze zaak geschied door mijn heer de koning, en hebt gij uw dienaar niet laten weten wie er op de troon van mijn heer de koning na hem zitten zal?

28

Toen antwoordde koning David en zei: Roep Bathseba voor mij. En zij kwam voor de koning en stond voor de koning.

29

En de koning zwoer en zei: Zo waarlijk als de HEER leeft, die mijn ziel verlost heeft uit alle benauwdheid,

30

Zelfs zoals ik u gezworen heb bij de HEER, de God van Israël, en gezegd heb: Voorzeker, Salomo, uw zoon, zal na mij regeren, en hij zal op mijn troon zitten in mijn plaats; zelfs zo zal ik dit zeker heden doen.