VSV
Statenvertaling1 Korintiërs 12:1
“Wat nu de geestelijke gaven betreft, broeders, wil ik niet dat gij onwetend zijt.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Korintiërs 12 — omringende verzen
1
2Wat nu de geestelijke gaven betreft, broeders, wil ik niet dat gij onwetend zijt.
Gij weet dat gij heidenen waart, meegesleurd naar de stomme afgoden, zoals gij geleid werd.
3Daarom maak ik u bekend, dat niemand die door de Geest van God spreekt, Jezus een vervloeking noemt; en niemand kan zeggen dat Jezus de Heer is, dan door de Heilige Geest.
4Er zijn nu verscheidenheden van gaven, maar het is dezelfde Geest.
5En er zijn verscheidenheden van bedieningen, maar het is dezelfde Heer.
6En er zijn verscheidenheden van werkingen, maar het is dezelfde God, Die alles in allen werkt.