1 Korintiërs 15:10
“Maar door de genade van God ben ik wat ik ben, en Zijn genade die mij bewezen is, is niet tevergeefs geweest; maar ik heb overvloediger gearbeid dan zij allen, doch niet ik, maar de genade van God die met mij was.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Korintiërs 15 — omringende verzen
En dat Hij gezien is door Cefas, daarna door de twaalven,
6Daarna is Hij gezien door meer dan vijfhonderd broeders tegelijk, van wie de meesten tot op dit moment in leven zijn gebleven, maar sommigen zijn ontslapen.
7Daarna is Hij gezien door Jakobus, vervolgens door al de apostelen.
8En als laatste van allen is Hij ook door mij gezien, als door een die te vroeg geboren is.
9Want ik ben de geringste van de apostelen, die niet waardig ben een apostel genoemd te worden, omdat ik de gemeente van God heb vervolgd.
Maar door de genade van God ben ik wat ik ben, en Zijn genade die mij bewezen is, is niet tevergeefs geweest; maar ik heb overvloediger gearbeid dan zij allen, doch niet ik, maar de genade van God die met mij was.
Hetzij dan ik, hetzij zij, zo prediken wij, en zo hebt u geloofd.
12Indien nu van Christus gepredikt wordt dat Hij uit de doden opgewekt is, hoe zeggen sommigen onder u dat er geen opstanding van de doden is?
13Maar indien er geen opstanding van de doden is, dan is Christus niet opgewekt.
14En indien Christus niet opgewekt is, dan is onze prediking tevergeefs en is ook uw geloof tevergeefs.
15Ja, en wij worden bevonden valse getuigen van God te zijn, omdat wij van God getuigd hebben dat Hij Christus opgewekt heeft, Die Hij niet opgewekt heeft, indien de doden werkelijk niet opgewekt worden.