1 Kronieken 1:16
“En de Arvadiet, en de Zemariet, en de Hamathiet.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 1 — omringende verzen
En Mizraïm verwekte Ludim, en Anamim, en Lehabim, en Naftuhim,
12En Patrusim, en Kasluhim, (uit wie de Filistijnen voortkwamen,) en Kafthorim.
13En Kanaän verwekte Zidon, zijn eerstgeborene, en Heth,
14Ook de Jebusiet, en de Amoriet, en de Girgasiet,
15En de Heviet, en de Arkiet, en de Siniet,
En de Arvadiet, en de Zemariet, en de Hamathiet.
De zonen van Sem: Elam, en Assur, en Arfaxad, en Lud, en Aram, en Uz, en Hul, en Gether, en Mesech.
18En Arfaxad verwekte Selah, en Selah verwekte Eber.
19En aan Eber werden twee zonen geboren: de naam van de ene was Peleg, want in zijn dagen werd de aarde verdeeld; en de naam van zijn broeder was Joktan.
20En Joktan verwekte Almodad, en Selef, en Hazarmaveth, en Jerah,
21Ook Hadoram, en Uzal, en Dikla,