VSV
Statenvertaling1 Kronieken 1:28
“De zonen van Abraham: Izak en Ismaël.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 1 — omringende verzen
23
En Ofir, en Havila, en Jobab. Al dezen waren zonen van Joktan.
24Sem, Arfaxad, Selah,
25Eber, Peleg, Reü,
26Serug, Nahor, Terah,
27Abram; dezelfde is Abraham.
28
29De zonen van Abraham: Izak en Ismaël.
Dit zijn hun geslachten: de eerstgeborene van Ismaël, Nebajoth; dan Kedar, en Adbeel, en Mibsam,
30Misma, en Duma, Massa, Hadad en Tema,
31Jetur, Nafis en Kedema. Dit zijn de zonen van Ismaël.
32Nu de zonen van Ketura, Abrahams bijvrouw: zij baarde Zimran, en Joksan, en Medan, en Midian, en Jisbak en Suah. En de zonen van Joksan: Scheba en Dedan.
33En de zonen van Midian: Efa, en Efer, en Henoch, en Abida en Eldaä. Al dezen zijn zonen van Ketura.