VSV
Statenvertaling1 Kronieken 1:8
“De zonen van Cham: Cus, en Mizraïm, Put en Kanaän.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 1 — omringende verzen
3
Henoch, Methusalah, Lamech,
4Noach, Sem, Cham en Jafeth.
5De zonen van Jafeth: Gomer, en Magog, en Madai, en Javan, en Tubal, en Mesech, en Tiras.
6En de zonen van Gomer: Askenaz, en Rifath, en Togarma.
7En de zonen van Javan: Elisa, en Tarsis, Kittim en Dodanim.
8
9De zonen van Cham: Cus, en Mizraïm, Put en Kanaän.
En de zonen van Cus: Seba, en Havila, en Sabta, en Raäma, en Sabtecha. En de zonen van Raäma: Scheba en Dedan.
10En Cus verwekte Nimrod; hij begon machtig te zijn op de aarde.
11En Mizraïm verwekte Ludim, en Anamim, en Lehabim, en Naftuhim,
12En Patrusim, en Kasluhim, (uit wie de Filistijnen voortkwamen,) en Kafthorim.
13En Kanaän verwekte Zidon, zijn eerstgeborene, en Heth,