1 Kronieken 11:28
“Ira, de zoon van Ikkes de Tekoïet, Abiezer de Antothiet,”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 11 — omringende verzen
En hij versloeg een Egyptenaar, een man van grote gestalte, vijf ellen lang; en in de hand van de Egyptenaar was een speer als een weversrol; maar hij ging naar hem toe met een staf, en rukte de speer uit de hand van de Egyptenaar, en doodde hem met zijn eigen speer.
24Deze dingen deed Benaja, de zoon van Jojada, en hij had een naam onder de drie helden.
25Zie, hij was geëerd onder de dertig, maar hij bereikte de eerste drie niet; en David stelde hem aan over zijn lijfwacht.
26En de dappere mannen der heirscharen waren: Asahel, de broeder van Joab, en Elhanan, de zoon van Dodo uit Bethlehem,
27Shammoth de Haroriet, Helez de Peloniet,
Ira, de zoon van Ikkes de Tekoïet, Abiezer de Antothiet,
Sibbechai de Hushathiet, Ilai de Ahohiet,
30Maharai de Netofathiet, Heled, de zoon van Baäna de Netofathiet,
31Ithai, de zoon van Ribai uit Gibea, dat behoorde tot de kinderen van Benjamin, Benaja de Pirathoniet,
32Hurai aan de beken van Gaäs, Abiël de Arbathiet,
33Azmaveth de Baharumiet, Eljahba de Shaälboniet,