1 Kronieken 12:33
“Van Zebulon, zulken als uittrokken ten strijde, ervaren in de oorlog, met allerlei oorlogswapenen, vijftigduizend, die in het gelid konden blijven; zij waren niet van een dubbel hart.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 12 — omringende verzen
En Zadok, een jonge held van dapperheid, en van het huis zijns vaders twee en twintig aanvoerders.
29En van de kinderen van Benjamin, de verwanten van Saul, drieduizend; want tot dan toe had het grootste deel van hen de wacht van het huis van Saul bewaard.
30En van de kinderen van Efraïm twintigduizend achthonderd, dappere helden, beroemd in het huis hunner vaderen.
31En van de halve stam van Manasse achttienduizend, die bij name aangewezen waren om te komen en David tot koning te maken.
32En van de kinderen van Issachar, mannen die inzicht hadden in de tijden, om te weten wat Israël doen moest; de hoofden van hen waren tweehonderd; en al hun broeders stonden onder hun bevel.
Van Zebulon, zulken als uittrokken ten strijde, ervaren in de oorlog, met allerlei oorlogswapenen, vijftigduizend, die in het gelid konden blijven; zij waren niet van een dubbel hart.
En van Naftali duizend aanvoerders, en met hen met schild en speer zeven en dertigduizend.
35En van de Danieten, ervaren in de oorlog, acht en twintigduizend zeshonderd.
36En van Aser, zulken als uittrokken ten strijde, ervaren in de oorlog, veertigduizend.
37En aan de overzijde van de Jordaan, van de Rubenieten en de Gadieten en de halve stam van Manasse, met allerlei soorten krijgswapenen voor de strijd, honderd en twintigduizend.
38Al deze krijgslieden, die in het gelid konden blijven, kwamen met een volkomen hart naar Hebron, om David koning te maken over geheel Israël; en ook al het overige van Israël was eensgezind om David tot koning te maken.