1 Kronieken 13:14
“En de ark Gods bleef drie maanden bij de familie van Obed-Edom in zijn huis. En de HEER zegende het huis van Obed-Edom en alles wat hij had.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 13 — omringende verzen
En toen zij kwamen bij de dorsvloer van Chidon, stak Uzza zijn hand uit om de ark vast te houden; want de ossen struikelden.
10En de toorn van de HEER ontbrandde tegen Uzza, en Hij sloeg hem, omdat hij zijn hand aan de ark had gelegd; en hij stierf daar voor God.
11En David was ontstemd, omdat de HEER een bres in Uzza had geslagen; daarom wordt die plaats tot op deze dag Perez-Uzza genoemd.
12En David was bevreesd voor God op die dag, zeggende: Hoe zal ik de ark Gods tot mij brengen?
13Zo bracht David de ark niet naar zich toe, naar de stad Davids, maar hij leidde haar terzijde in het huis van Obed-Edom, de Gittiet.
En de ark Gods bleef drie maanden bij de familie van Obed-Edom in zijn huis. En de HEER zegende het huis van Obed-Edom en alles wat hij had.