1 Kronieken 6:76
“En uit de stam Naftali: Kedes in Galilea met haar weiden, en Hammon met haar weiden, en Kirjathaïm met haar weiden.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 6 — omringende verzen
Aan de zonen van Gersom werden gegeven uit het geslacht van de halve stam Manasse, Golan in Basan met haar weiden, en Astaroth met haar weiden;
72En uit de stam Issachar: Kedes met haar weiden, Daberath met haar weiden,
73En Ramoth met haar weiden, en Anem met haar weiden;
74En uit de stam Aser: Mashal met haar weiden, en Abdon met haar weiden,
75En Hukok met haar weiden, en Rehob met haar weiden;
En uit de stam Naftali: Kedes in Galilea met haar weiden, en Hammon met haar weiden, en Kirjathaïm met haar weiden.
Aan de overige kinderen van Merari werden gegeven uit de stam Zebulon: Rimmon met haar weiden, Tabor met haar weiden;
78En aan de andere zijde van de Jordaan bij Jericho, aan de oostzijde van de Jordaan, werden hun gegeven uit de stam Ruben: Bezer in de woestijn met haar weiden, en Jahza met haar weiden,
79Ook Kedemoth met haar weiden, en Mefaäth met haar weiden;
80En uit de stam Gad: Ramoth in Gilead met haar weiden, en Mahanaïm met haar weiden,
81En Hesbon met haar weiden, en Jaëzer met haar weiden.