1 Timotheüs 2:12
“Maar een vrouw sta ik niet toe te onderwijzen, noch over de man te heersen, maar zij moet in stilte zijn.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Timotheüs 2 — omringende verzen
Waartoe ik gesteld ben als prediker en apostel — ik spreek de waarheid in Christus en lieg niet — als leraar van de heidenen in geloof en waarheid.
8Ik wil dan dat de mannen op elke plaats bidden met opheffing van heilige handen, zonder toorn en twijfel.
9Evenzo ook dat de vrouwen zichzelf tooien in waardige kleding, met ingetogenheid en zedigheid; niet met gevlochten haar, goud, parels of kostbare kleding;
10Maar met goede werken — wat een vrouwen betaamt die godsvrucht belijden.
11Een vrouw lere in stilte, in alle onderdanigheid.
Maar een vrouw sta ik niet toe te onderwijzen, noch over de man te heersen, maar zij moet in stilte zijn.
Want Adam werd het eerst geformeerd, daarna Eva.
14En Adam werd niet verleid, maar de vrouw werd verleid en is in overtreding gevallen.
15Nochtans zal zij zalig worden door het baren van kinderen, als zij blijven in geloof en liefde en heiligheid met ingetogenheid.