Terug naar 2 Kronieken 21
VSV
Statenvertaling

2 Kronieken 21:5

Joram was tweeëndertig jaar oud toen hij koning werd, en hij regeerde acht jaar te Jeruzalem.

Kruisverwijzingen

Context

2 Kronieken 21 — omringende verzen

1

En Josafat ontsliep met zijn vaderen, en werd begraven bij zijn vaderen in de stad Davids. En zijn zoon Joram werd koning in zijn plaats.

2

En hij had broeders, zonen van Josafat: Azaria, Jehiël, Zecharia, Azaria, Michaël en Sefatja; deze allen waren zonen van Josafat, koning van Israël.

3

En hun vader gaf hun grote geschenken van zilver en goud en kostbaarheden, met versterkte steden in Juda; maar het koninkrijk gaf hij aan Joram, omdat hij de eerstgeborene was.

4

Toen nu Joram tot het koninkrijk van zijn vader gekomen was, sterkte hij zich en doodde al zijn broeders met het zwaard, en ook verscheidenen van de vorsten van Israël.

5

Joram was tweeëndertig jaar oud toen hij koning werd, en hij regeerde acht jaar te Jeruzalem.

6

En hij wandelde in de weg van de koningen van Israël, zoals het huis van Achab deed, want hij had de dochter van Achab tot vrouw; en hij deed wat kwaad was in de ogen des HEREN.

7

Doch de HEER wilde het huis van David niet verderven, om des verbonds wil dat Hij met David gesloten had, en zoals Hij beloofd had hem en zijn zonen voor altijd een lamp te geven.

8

In zijn dagen vielen de Edomieten af van onder de heerschappij van Juda, en stelden een koning over zich.

9

Toen trok Joram uit met zijn vorsten en al zijn strijdwagens met hem; en hij maakte zich des nachts op en versloeg de Edomieten die hem en de oversten van de strijdwagens omsingeld hadden.

10

Zo vielen de Edomieten af van onder de hand van Juda tot op deze dag. Ter zelfder tijd viel ook Libna van onder zijn hand af, omdat hij de HEER, de God van zijn vaderen, verlaten had.