2 Kronieken 7:20
“Dan zal Ik hen uitrukken uit Mijn land dat Ik hun gegeven heb, en dit huis dat Ik voor Mijn naam geheiligd heb, zal Ik wegwerpen van voor Mijn aangezicht, en Ik zal het stellen tot een spreekwoord en een spotrede onder alle volken.”
Kruisverwijzingen
Context
2 Kronieken 7 — omringende verzen
Nu zullen Mijn ogen open zijn en Mijn oren opmerkzaam op het gebed dat op deze plaats wordt gedaan.
16Want nu heb Ik dit huis uitverkoren en geheiligd, opdat Mijn naam daar tot in eeuwigheid zal zijn; en Mijn ogen en Mijn hart zullen daar altijd zijn.
17En wat u betreft, als u voor Mij wandelt zoals David, uw vader, gewandeld heeft, en doet naar alles wat Ik u geboden heb, en Mijn inzettingen en Mijn rechten onderhoudt;
18Dan zal Ik de troon van uw koninkrijk bevestigen, zoals Ik met David, uw vader, een verbond heb gesloten, zeggende: Het zal u niet ontbreken aan een man die heerser is in Israël.
19Maar als u zich afkeert en Mijn inzettingen en Mijn geboden die Ik u voor ogen gesteld heb verlaat, en andere goden gaat dienen en hen aanbidt;
Dan zal Ik hen uitrukken uit Mijn land dat Ik hun gegeven heb, en dit huis dat Ik voor Mijn naam geheiligd heb, zal Ik wegwerpen van voor Mijn aangezicht, en Ik zal het stellen tot een spreekwoord en een spotrede onder alle volken.
En dit huis, dat zo verheven is, zal iedereen die erlangs gaat met ontzetting treffen, zodat hij zal zeggen: Waarom heeft de HEER zo gedaan met dit land en met dit huis?
22En men zal antwoorden: Omdat zij de HEER, de God van hun vaderen, hebben verlaten, die hen uit het land Egypte heeft geleid, en andere goden hebben aangehangen en hen aanbeden en gediend hebben; daarom heeft Hij al dit onheil over hen gebracht.