Deuteronomium 22:29
“Dan zal de man die bij haar gelegen heeft, aan de vader van de jonge vrouw vijftig sikkel zilver geven, en zij zal zijn vrouw zijn; omdat hij haar onteerd heeft, mag hij haar zijn leven lang niet wegzenden.”
Kruisverwijzingen
Context
Deuteronomium 22 — omringende verzen
Dan zult u hen beiden naar de poort van die stad brengen, en hen stenigen zodat zij sterven; de jonge vrouw, omdat zij niet geroepen heeft, terwijl zij in de stad was; en de man, omdat hij de vrouw van zijn naaste onteerd heeft: zo zult u het kwaad uit uw midden wegdoen.
25Maar als een man een verloofde jonge vrouw op het veld aantreft, en de man haar met geweld overweldigt en bij haar ligt, dan zal alleen de man die bij haar gelegen heeft, sterven.
26De jonge vrouw echter zult u niets doen; zij heeft geen zonde begaan die de dood verdient: want zoals wanneer iemand zijn naaste aanvalt en hem doodslaat, zo is ook deze zaak;
27Want hij vond haar op het veld, en de verloofde jonge vrouw riep om hulp, maar er was niemand om haar te redden.
28Als een man een jonge vrouw, een maagd die niet verloofd is, aantreft, haar grijpt en bij haar ligt, en zij worden betrapt;
Dan zal de man die bij haar gelegen heeft, aan de vader van de jonge vrouw vijftig sikkel zilver geven, en zij zal zijn vrouw zijn; omdat hij haar onteerd heeft, mag hij haar zijn leven lang niet wegzenden.
Een man zal de vrouw van zijn vader niet nemen, noch de schoot van zijn vader ontbloten.