Terug naar Deuteronomium 33
VSV
Statenvertaling

Deuteronomium 33:19

Zij zullen de volken roepen tot de berg; daar zullen zij offers van gerechtigheid offeren; want zij zullen zuigen van de overvloed der zeeën en van de schatten verborgen in het zand.

Kruisverwijzingen

Context

Deuteronomium 33 — omringende verzen

14

En met de kostelijke vruchten, voortgebracht door de zon, en met de kostelijke gaven, voortgebracht door de maan,

15

En met de beste vruchten van de oude bergen, en met de kostelijke gaven van de eeuwige heuvelen,

16

En met de kostelijke gaven der aarde en haar volheid, en met de gunst van Hem die in de braamstruik woonde. Laat die zegen komen op het hoofd van Jozef, en op de kruin van hem die afgezonderd was van zijn broederen.

17

Zijn glorie is als die van de eerstgeborene van zijn stier, en zijn hoornen zijn als de hoornen van eenhoornen; daarmede zal hij de volken tezamen stoten tot aan de einden der aarde. Dit zijn de tienduizenden van Efraïm en de duizenden van Manasse.

18

Van Zebulon zeide hij: Verblijd u, Zebulon, in uw uitgang; en Issaschar, in uw tenten.

19

Zij zullen de volken roepen tot de berg; daar zullen zij offers van gerechtigheid offeren; want zij zullen zuigen van de overvloed der zeeën en van de schatten verborgen in het zand.

20

Van Gad zeide hij: Gezegend zij hij die Gad ruimte geeft; hij woont als een leeuw, en verscheurt de arm met de kruintop van het hoofd.

21

Hij koos het beste deel voor zichzelf, want daar was voor hem een deel van de wetgever weggelegd; hij trok op met de hoofden van het volk; hij voerde de gerechtigheid des HEREN uit en Zijn rechten met Israël.

22

Van Dan zeide hij: Dan is een leeuwenwelp; hij zal opspringen uit Basan.

23

Van Naftali zeide hij: O Naftali, verzadigd van gunst en vol van de zegen des HEREN, neem het westen en het zuiden in bezit.

24

Van Aser zeide hij: Laat Aser gezegend zijn met kinderen; laat hem welgevallig zijn bij zijn broederen, en laat hem zijn voet in olie dopen.