Terug naar Esther 1
VSV
Statenvertaling

Esther 1:20

En wanneer het besluit des konings, dat hij zal uitvaardigen, in zijn gehele koninkrijk — want het is groot — afgekondigd wordt, zullen alle vrouwen haar mannen eer bewijzen, zowel groten als kleinen.

Kruisverwijzingen

Context

Esther 1 — omringende verzen

15

Wat zal men naar de wet doen met koningin Vasthi, omdat zij het gebod van koning Ahasveros door de kamerheren niet heeft nagekomen?

16

En Memucan antwoordde ten aanhoren van de koning en de vorsten: Niet de koning alleen heeft koningin Vasthi onrecht aangedaan, maar ook al de vorsten en al de volken die in al de gewesten van koning Ahasveros zijn.

17

Want de daad van de koningin zal zich verbreiden onder alle vrouwen, zodat zij hun mannen zullen verachten in hun ogen, wanneer men zegt: Koning Ahasveros gebood dat koningin Vasthi voor hem gebracht zou worden, maar zij is niet gekomen.

18

Evenzo zullen de vorstinnen van Perzië en Medië op deze dag tot al de vorsten des konings zeggen, wanneer zij van de daad der koningin gehoord hebben. Zo zal er al te veel verachting en toorn ontstaan.

19

Indien het de koning goeddunkt, laat er een koninklijk gebod van hem uitgaan en laat het geschreven worden onder de wetten van de Perzen en de Meden, zodat het niet herroepen worde, dat Vasthi niet meer zal verschijnen voor koning Ahasveros, en laat de koning haar koninklijke waardigheid geven aan een andere die beter is dan zij.

20

En wanneer het besluit des konings, dat hij zal uitvaardigen, in zijn gehele koninkrijk — want het is groot — afgekondigd wordt, zullen alle vrouwen haar mannen eer bewijzen, zowel groten als kleinen.

21

Dit woord behaagde de koning en de vorsten, en de koning handelde naar het woord van Memucan.

22

Want hij zond brieven naar al de gewesten des konings, naar elk gewest naar zijn schrift en naar elk volk naar zijn taal, dat iedere man heer en meester zou zijn in zijn eigen huis, en dat dit verkondigd zou worden naar de taal van elk volk.