Esther 3:1
“Na deze dingen verhoogde koning Ahasveros Haman, de zoon van Hammedatha, de Agagiet, en bevorderde hem en zette zijn stoel boven al de vorsten die bij hem waren.”
Kruisverwijzingen
Context
Esther 3 — omringende verzen
Na deze dingen verhoogde koning Ahasveros Haman, de zoon van Hammedatha, de Agagiet, en bevorderde hem en zette zijn stoel boven al de vorsten die bij hem waren.
En al de dienaren des konings die in de poort des konings waren, bogen de knie en knielden voor Haman, want de koning had zo omtrent hem geboden. Maar Mordechai boog de knie niet en knielde niet.
3Toen zeiden de dienaren des konings die in de poort des konings waren tot Mordechai: Waarom overtreedt gij het gebod des koningen?
4En het geschiedde, toen zij dagelijks tot hem spraken en hij naar hen niet luisterde, dat zij het Haman berichtten, om te zien of de woorden van Mordechai stand zouden houden; want hij had hun gezegd dat hij een Jood was.
5En toen Haman zag dat Mordechai de knie niet boog en niet voor hem knielde, werd Haman vervuld van toorn.
6Maar het scheen hem te gering om alleen de hand te slaan aan Mordechai; want men had hem het volk van Mordechai bekendgemaakt; daarom zocht Haman alle Joden die door het gehele koninkrijk van Ahasveros waren, het volk van Mordechai, te verdelgen.