Exodus 20:16
“U zult geen valse getuigenis spreken tegen uw naaste.”
Kruisverwijzingen
Context
Exodus 20 — omringende verzen
Want in zes dagen heeft de HEER de hemel en de aarde gemaakt, de zee en al wat daarin is, en Hij rustte op de zevende dag; daarom zegende de HEER de sabbatdag en heiligde hem.
12Eer uw vader en uw moeder, opdat uw dagen verlengd worden in het land dat de HEER uw God u geeft.
13U zult niet doodslaan.
14U zult geen overspel plegen.
15U zult niet stelen.
U zult geen valse getuigenis spreken tegen uw naaste.
U zult het huis van uw naaste niet begeren; u zult de vrouw van uw naaste niet begeren, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn os, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is.
18En heel het volk zag de donderslagen en de bliksemflitsen, en het geluid van de bazuin, en de rokende berg; en toen het volk het zag, deinsden zij terug en stonden van verre.
19En zij zeiden tot Mozes: Spreek u met ons, en wij zullen horen; maar laat God niet met ons spreken, opdat wij niet sterven.
20En Mozes zei tot het volk: Vreest niet; want God is gekomen om u te beproeven, en opdat Zijn vrees voor uw aangezicht is, zodat u niet zondigt.
21En het volk stond van verre, en Mozes naderde tot de donkere wolk waar God was.