Terug naar Exodus 28
VSV
Statenvertaling

Exodus 28:6

En zij zullen de efod maken van goud, van blauw, en van purper, van scharlaken, en fijn getwijnd linnen, kunstig bewerkt.

Kruisverwijzingen

Context

Exodus 28 — omringende verzen

1

En neem tot u Aäron, uw broeder, en zijn zonen met hem, uit het midden van de kinderen Israëls, opdat hij voor Mij het priesterambt beklede, namelijk Aäron, Nadab en Abihu, Eleazar en Ithamar, Aärons zonen.

2

En gij zult heilige klederen maken voor Aäron, uw broeder, tot heerlijkheid en tot sieraad.

3

En gij zult spreken tot allen die wijs van hart zijn, die Ik vervuld heb met de geest van wijsheid, opdat zij Aärons klederen maken om hem te heiligen, dat hij voor Mij het priesterambt beklede.

4

En dit zijn de klederen die zij maken zullen: een borstschild, en een efod, en een mantel, en een kunstig geweven rok, een hoofdband en een gordel; en zij zullen heilige klederen maken voor Aäron, uw broeder, en voor zijn zonen, opdat hij voor Mij het priesterambt beklede.

5

En zij zullen goud nemen, en blauw, en purper, en scharlaken, en fijn linnen.

6

En zij zullen de efod maken van goud, van blauw, en van purper, van scharlaken, en fijn getwijnd linnen, kunstig bewerkt.

7

Hij zal twee schouderstukken hebben, die aan de twee randen ervan samengevoegd zijn; en zo zal hij samengevoegd worden.

8

En de kunstig geweven gordel van de efod, die erop is, zal er één mee zijn, naar het werk ervan; van goud, van blauw, en purper, en scharlaken, en fijn getwijnd linnen.

9

En gij zult twee onyxstenen nemen en daarop de namen van de kinderen Israëls graveren:

10

Zes van hun namen op de ene steen, en de andere zes namen van de overigen op de andere steen, naar hun geboortevolgorde.

11

Met het werk van een steensnijder, zoals de graveringen van een zegelring, zult gij de twee stenen graveren met de namen van de kinderen Israëls; gij zult ze laten vatten in gouden zettingen.