VSV
StatenvertalingExodus 4:31
“En het volk geloofde; en toen zij hoorden dat de HEER de kinderen Israëls bezocht had, en dat Hij hun ellende aanschouwd had, bogen zij hun hoofden en aanbaden.”
Kruisverwijzingen
Context
Exodus 4 — omringende verzen
26
En Hij liet hem los; toen zeide zij: Een bloedbruidegom zijt gij, vanwege de besnijdenis.
27En de HEER zeide tot Aäron: Ga de woestijn in, Mozes tegemoet. En hij ging en ontmoette hem aan de berg Gods, en kuste hem.
28En Mozes vertelde Aäron al de woorden des HEREN die hem gezonden had, en al de tekenen die Hij hem opgedragen had.
29En Mozes en Aäron gingen heen en verzamelden al de oudsten der kinderen Israëls bijeen.
30En Aäron sprak al de woorden die de HEER tot Mozes gesproken had, en deed de tekenen voor de ogen van het volk.
31
En het volk geloofde; en toen zij hoorden dat de HEER de kinderen Israëls bezocht had, en dat Hij hun ellende aanschouwd had, bogen zij hun hoofden en aanbaden.