Ezechiël 27:17
“Juda en het land Israël, zij waren uw kooplieden; zij verhandelden op uw markt tarwe van Minnit en Pannag, en honing, olie en balsem.”
Kruisverwijzingen
Context
Ezechiël 27 — omringende verzen
Tarsis was uw koopman vanwege de overvloed van allerlei rijkdommen; met zilver, ijzer, tin en lood handelden zij op uw markten.
13Javan, Tubal en Mesech, zij waren uw kooplieden; zij verhandelden mensenlichamen en koperen vaten op uw markt.
14Degenen van het huis van Togarma handelden op uw markten met paarden, ruiters en muilezels.
15De mannen van Dedan waren uw kooplieden; vele eilanden waren de handelswaar van uw hand; zij brachten u als geschenk ivoren hoorns en ebbenhout.
16Syrië was uw koopman vanwege de overvloed van het maakwerk van uw handen; zij handelden op uw markten met smaragden, purper en borduurwerk, en fijn linnen, en koraal en agaat.
Juda en het land Israël, zij waren uw kooplieden; zij verhandelden op uw markt tarwe van Minnit en Pannag, en honing, olie en balsem.
Damascus was uw koopman vanwege de overvloed van het maakwerk van uw handen, vanwege de overvloed van allerlei rijkdommen; in de wijn van Helbon en witte wol.
19Dan ook en Javan, die heen en weer trokken, handelden op uw markten; blank ijzer, kassie en kalmoes waren op uw markt.
20Dedan was uw koopman in kostbare rijdoeken voor wagens.
21Arabië en al de vorsten van Kedar, zij handelden met u in lammeren, rammen en bokken; in deze dingen waren zij uw kooplieden.
22De kooplieden van Scheba en Raëma, zij waren uw kooplieden; zij handelden op uw markten met het voornaamste van allerlei specerijen, en met allerlei edelstenen en goud.