Ezechiël 28:1
“Het woord des HEREN kwam wederom tot mij, zeggende:”
Kruisverwijzingen
Context
Ezechiël 28 — omringende verzen
Het woord des HEREN kwam wederom tot mij, zeggende:
Mensenkind, zeg tot de vorst van Tyrus: Zo zegt de Heer HEER: Omdat uw hart verheven is, en gij gezegd hebt: Ik ben een God, ik zit op de troon Gods, in het midden der zeeën; terwijl gij een mens zijt en geen God, hoewel gij uw hart gesteld hebt als het hart van God:
3Zie, gij zijt wijzer dan Daniël; er is geen geheim dat zij voor u verbergen kunnen:
4Door uw wijsheid en door uw verstand hebt gij u rijkdommen verworven, en goud en zilver in uw schatkamers vergaderd;
5Door uw grote wijsheid en door uw handel hebt gij uw rijkdommen vermenigvuldigd, en uw hart is verheven vanwege uw rijkdommen:
6Daarom zegt de Heer HEER aldus: Omdat gij uw hart gesteld hebt als het hart van God;