VSV
StatenvertalingEzra 2:21
“De kinderen van Bethlehem, honderd drie en twintig.”
Kruisverwijzingen
Context
Ezra 2 — omringende verzen
16
De kinderen van Ater van Hezekia, acht en negentig.
17De kinderen van Bezai, driehonderd drie en twintig.
18De kinderen van Jora, honderd en twaalf.
19De kinderen van Hasum, tweehonderd drie en twintig.
20De kinderen van Gibbar, vijf en negentig.
21
22De kinderen van Bethlehem, honderd drie en twintig.
De mannen van Netofa, zes en vijftig.
23De mannen van Anatot, honderd acht en twintig.
24De kinderen van Azmaveth, twee en veertig.
25De kinderen van Kirjat-Arim, Kefira en Beërot, zevenhonderd drie en veertig.
26De kinderen van Rama en Geba, zeshonderd een en twintig.