Ezra 2:51
“De kinderen van Bakbuk, de kinderen van Hakufa, de kinderen van Harhur,”
Kruisverwijzingen
Context
Ezra 2 — omringende verzen
De kinderen van Hagab, de kinderen van Salmai, de kinderen van Hanan,
47De kinderen van Giddel, de kinderen van Gahar, de kinderen van Reaja,
48De kinderen van Rezin, de kinderen van Nekoda, de kinderen van Gazzam,
49De kinderen van Uzza, de kinderen van Paseah, de kinderen van Besai,
50De kinderen van Asna, de kinderen van Mehunim, de kinderen van Nefusim,
De kinderen van Bakbuk, de kinderen van Hakufa, de kinderen van Harhur,
De kinderen van Bazluth, de kinderen van Mehida, de kinderen van Harsha,
53De kinderen van Barkos, de kinderen van Sisera, de kinderen van Thamah,
54De kinderen van Neziah, de kinderen van Hatipha.
55De kinderen van de dienaren van Salomo: de kinderen van Sotaï, de kinderen van Sofereth, de kinderen van Peruda,
56De kinderen van Jaäla, de kinderen van Darkon, de kinderen van Giddel,