Terug naar Galaten 2
VSV
Statenvertaling

Galaten 2:16

Wetende dat een mens niet gerechtvaardigd wordt door de werken der wet, maar door het geloof in Jezus Christus; ook wij hebben in Jezus Christus geloofd, opdat wij gerechtvaardigd zouden worden door het geloof in Christus, en niet door de werken der wet; want door de werken der wet zal geen vlees gerechtvaardigd worden.

Kruisverwijzingen

Context

Galaten 2 — omringende verzen

11

Maar toen Petrus te Antiochië gekomen was, heb ik hem in het gezicht weerstaan, omdat hij te beschuldigen was.

12

Want voordat er enigen van Jakobus kwamen, at hij met de heidenen; maar toen zij gekomen waren, trok hij zich terug en zonderde zich af, uit vrees voor hen die van de besnijdenis waren.

13

En de andere Joden veinzden eveneens met hem; zodat ook Barnabas meegesleurd werd door hun geveinsdheid.

14

Maar toen ik zag dat zij niet rechte koers hielden overeenkomstig de waarheid van het evangelie, zei ik tegen Petrus ten overstaan van allen: Als u, die een Jood bent, naar heidens gebruik leeft en niet naar Joods gebruik, waarom dwingt u dan de heidenen naar Joods gebruik te leven?

15

Wij zijn van nature Joden, en geen zondaars uit de heidenen,

16

Wetende dat een mens niet gerechtvaardigd wordt door de werken der wet, maar door het geloof in Jezus Christus; ook wij hebben in Jezus Christus geloofd, opdat wij gerechtvaardigd zouden worden door het geloof in Christus, en niet door de werken der wet; want door de werken der wet zal geen vlees gerechtvaardigd worden.

17

Maar als wij, die trachten gerechtvaardigd te worden door Christus, ook zelf als zondaars bevonden worden, is Christus dan een dienaar van de zonde? Dat zij verre.

18

Want als ik datgene wat ik afgebroken heb, opnieuw opbouw, stel ik mijzelf als overtreder aan.

19

Want ik ben door de wet voor de wet gestorven, opdat ik voor God zou leven.

20

Ik ben met Christus gekruisigd; en ik leef, maar niet meer ik, maar Christus leeft in mij; en het leven dat ik nu in het vlees leef, leef ik door het geloof in de Zoon van God, die mij heeft liefgehad en Zichzelf voor mij heeft overgegeven.

21

Ik doe de genade van God niet teniet; want als de gerechtigheid door de wet komt, dan is Christus tevergeefs gestorven.