VSV
StatenvertalingGenesis 17:1
“En toen Abram negenennegentig jaar oud was, verscheen de HEER aan Abram en zeide tot hem: Ik ben God de Almachtige; wandel voor Mijn aangezicht, en wees oprecht.”
Kruisverwijzingen
Context
Genesis 17 — omringende verzen
1
2En toen Abram negenennegentig jaar oud was, verscheen de HEER aan Abram en zeide tot hem: Ik ben God de Almachtige; wandel voor Mijn aangezicht, en wees oprecht.
En Ik zal Mijn verbond stellen tussen Mij en u, en Ik zal u zeer vermenigvuldigen.
3En Abram viel op zijn aangezicht; en God sprak met hem, zeggende:
4Mij aangaande, zie, Mijn verbond is met u, en gij zult een vader van vele volken zijn.
5En uw naam zal voortaan niet meer Abram heten, maar uw naam zal Abraham zijn; want Ik heb u gesteld tot een vader van vele volken.
6En Ik zal u uitermate vruchtbaar maken, en Ik zal u tot volken stellen, en koningen zullen uit u voortkomen.