Handelingen 19:18
“En velen die geloofd hadden, kwamen en beleden en openbaarden hun daden.”
Kruisverwijzingen
Context
Handelingen 19 — omringende verzen
Toen namen enige rondtrekkende Joodse duivelbezweerders het op zich de naam van de HEER Jezus te noemen over hen die boze geesten hadden, zeggende: Wij bezweren u bij Jezus die Paulus predikt.
14En er waren zeven zonen van een zekere Skeva, een Jood en hoofdpriester, die dit deden.
15En de boze geest antwoordde en zeide: Jezus ken ik, en Paulus ken ik; maar wie zijt gij?
16En de man in wie de boze geest was, sprong op hen, en overweldigde hen, en was hen te machtig, zodat zij naakt en gewond uit dat huis vluchtten.
17En dit werd bekend aan alle Joden en Grieken die te Efeze woonden; en vrees viel op hen allen, en de naam van de Heer Jezus werd groot gemaakt.
En velen die geloofd hadden, kwamen en beleden en openbaarden hun daden.
Ook velen die zich met toverkunsten bezig hadden gehouden, brachten hun boeken samen en verbrandden ze voor allen; en zij berekenden de waarde ervan en vonden vijftigduizend zilverstukken.
20Zo groeide het Woord van God krachtig en nam de overhand.
21Nadat deze dingen voleindigd waren, nam Paulus in de geest het voornemen, nadat hij Macedonië en Achaje doorreisd zou hebben, naar Jeruzalem te gaan, zeggende: Nadat ik daar geweest ben, moet ik ook Rome zien.
22Zo zond hij twee van zijn medewerkers, Timotheüs en Erastus, naar Macedonië; maar hijzelf verbleef nog een tijd in Asia.
23En omstreeks dezelfde tijd ontstond er geen geringe beroering over die weg.