Handelingen 20:32
“En nu, broeders, ik beveel u God en het woord Zijner genade, dat machtig is u op te bouwen en u een erfdeel te geven onder alle geheiligden.”
Kruisverwijzingen
Context
Handelingen 20 — omringende verzen
Want ik heb niet nagelaten u te verkondigen de gehele raad Gods.
28Zo hebt dan acht op uzelf en op de gehele kudde, waarover u de Heilige Geest tot opzieners gesteld heeft, om de gemeente Gods te weiden, die Hij verworven heeft door Zijn eigen bloed.
29Want dit weet ik, dat na mijn vertrek zware wolven onder u zullen komen, die de kudde niet sparen.
30Ook uit uw eigen midden zullen mannen opstaan, die verkeerde dingen spreken, om de discipelen achter zich af te trekken.
31Daarom waakt en gedenkt dat ik drie jaren lang, nacht en dag, niet opgehouden heb een ieder met tranen te vermanen.
En nu, broeders, ik beveel u God en het woord Zijner genade, dat machtig is u op te bouwen en u een erfdeel te geven onder alle geheiligden.
Ik heb niemands zilver, of goud, of kleding begeerd.
34Ja, gij weet zelf dat deze handen in mijn behoeften en van hen die bij mij waren, voorzien hebben.
35Ik heb u in alles getoond dat men, aldus arbeidende, de zwakken moet ondersteunen en gedenken de woorden van de Heer Jezus, hoe Hij gezegd heeft: Het is zaliger te geven dan te ontvangen.
36En toen hij dit gezegd had, knielde hij neder en bad met hen allen.
37En zij weenden allen zeer en vielen Paulus om de hals en kusten hem,