Terug naar Handelingen 21
VSV
Statenvertaling

Handelingen 21:33

Toen kwam de overste naderbij en greep hem, en beval hem met twee ketenen te binden; en vroeg wie hij was en wat hij gedaan had.

Kruisverwijzingen

Context

Handelingen 21 — omringende verzen

28

roepende: Mannen Israëls, helpt! Dit is de man die overal allen leert tegen het volk, en de wet, en deze plaats; en bovendien heeft hij ook Grieken in de tempel gebracht en deze heilige plaats ontheiligd.

29

Want zij hadden te voren Trofimus, de Efeziër, met hem in de stad gezien, die zij meenden dat Paulus in de tempel gebracht had.

30

En de gehele stad kwam in beweging en het volk liep samen; en zij grepen Paulus en sleepten hem buiten de tempel; en terstond werden de deuren gesloten.

31

En terwijl zij hem trachtten te doden, kwam er bericht tot de overste van de legerafdeling, dat geheel Jeruzalem in opschudding was.

32

Die onmiddellijk krijgsvolk en honderdmannen meenam en bij hen neerliep; en toen zij de overste en de krijgslieden zagen, hielden zij op Paulus te slaan.

33

Toen kwam de overste naderbij en greep hem, en beval hem met twee ketenen te binden; en vroeg wie hij was en wat hij gedaan had.

34

En sommigen onder de menigte riepen dit, anderen dat; en toen hij de zekerheid vanwege het tumult niet kon weten, beval hij hem in de vesting te brengen.

35

En toen hij op de trappen kwam, gebeurde het dat hij door de krijgslieden gedragen werd wegens het geweld van de menigte.

36

Want de schare van het volk volgde, roepende: Weg met hem!

37

En toen Paulus in de vesting geleid zou worden, zeide hij tot de overste: Is het mij geoorloofd tot u te spreken? En hij zeide: Kunt gij Grieks spreken?

38

Zijt gij dan niet die Egyptenaar, die voor deze dagen opstand verwekte en vier duizend moordenaars naar de woestijn uitvoerde?