Hebreeën 7:26
“Want zulk een Hogepriester paste ons: heilig, onschuldig, onbesmet, afgezonderd van de zondaars, en verheven boven de hemelen;”
Kruisverwijzingen
Context
Hebreeën 7 — omringende verzen
(Want die priesters werden zonder een eed aangesteld; maar Deze met een eed door Hem die tot Hem zei: De Heer heeft gezworen en zal er geen berouw over hebben: Gij zijt een priester in eeuwigheid naar de ordening van Melchizedek:)
22Zo is Jezus de Borg geworden van een beter verbond.
23En zij waren wel velen die priester werden, omdat de dood hen verhinderde te blijven;
24Maar Deze, omdat Hij in eeuwigheid blijft, heeft een onveranderlijk priesterschap.
25Daarom kan Hij ook volkomen zalig maken hen die door Hem tot God naderen, daar Hij altijd leeft om voor hen te pleiten.
Want zulk een Hogepriester paste ons: heilig, onschuldig, onbesmet, afgezonderd van de zondaars, en verheven boven de hemelen;
Die niet dagelijks, zoals de hogepriesters, noodzaak heeft om eerst voor zijn eigen zonden offers op te brengen, en daarna voor die van het volk; want dat heeft Hij eens voor al gedaan, toen Hij Zichzelf offerde.
28Want de wet stelt mensen tot hogepriester aan die zwakheid hebben; maar het woord van de eed, die na de wet kwam, stelt de Zoon aan, die in eeuwigheid volmaakt is.