Hosea 10:3
“Want nu zullen zij zeggen: Wij hebben geen koning, omdat wij de HEER niet hebben gevreesd; wat zou een koning dan voor ons doen?”
Kruisverwijzingen
Context
Hosea 10 — omringende verzen
Israël is een lege wijnstok, die vrucht voor zichzelf voortbrengt; naar de veelheid van zijn vrucht heeft hij de altaren vermenigvuldigd; naar de goedheid van zijn land hebben zij fraaie beelden gemaakt.
2Hun hart is verdeeld; nu zullen zij schuldig bevonden worden; Hij zal hun altaren afbreken, Hij zal hun beelden verwoesten.
Want nu zullen zij zeggen: Wij hebben geen koning, omdat wij de HEER niet hebben gevreesd; wat zou een koning dan voor ons doen?
Zij hebben woorden gesproken, valse eden zwerendin het sluiten van een verbond; zo schiet het oordeel op als alsem in de voren van het veld.
5De inwoners van Samaria zullen vrezen vanwege de kalveren van Beth-Aven; want het volk daarover zal treuren, en de priesters die er zich over verheugden, vanwege de heerlijkheid ervan, omdat die ervan is geweken.
6Het zal ook naar Assyrië worden gevoerd als een geschenk voor koning Jareb; Efraïm zal schaamte ontvangen, en Israël zal beschaamd worden over zijn eigen raad.
7Wat Samaria betreft, haar koning is afgesneden als schuim op het water.
8Ook de offerhoogten van Aven, de zonde van Israël, zullen worden verwoest; doorn en distel zullen opkomen op hun altaren; en zij zullen zeggen tot de bergen: Bedek ons; en tot de heuvelen: Val op ons.