Jeremia 31:40
“En het gehele dal van de dode lichamen en van de as, en alle velden tot aan de beek Kidron, tot aan de hoek van de Paardenpoort naar het oosten, zullen heilig zijn voor de HEER; het zal niet meer worden uitgerukt noch afgebroken tot in eeuwigheid.”
Kruisverwijzingen
Context
Jeremia 31 — omringende verzen
Zo zegt de HEER, Die de zon geeft tot een licht bij dag, en de verordeningen van de maan en van de sterren tot een licht bij nacht, Die de zee verdeelt als haar golven bruisen; HEER der heerscharen is Zijn Naam:
36Als die verordeningen voor Mijn aangezicht zouden wijken, spreekt de HEER, dan zou ook het nageslacht van Israël ophouden een volk voor Mij te zijn voor altijd.
37Zo zegt de HEER: Als de hemel daarboven gemeten kan worden en de fundamenten der aarde beneden doorgrond kunnen worden, dan zal Ik ook al het nageslacht van Israël verwerpen om alles wat zij gedaan hebben, spreekt de HEER.
38Zie, de dagen komen, spreekt de HEER, dat de stad voor de HEER gebouwd zal worden, van de toren van Hananeël tot aan de Hoekpoort.
39En het meetlint zal nog verder uitgetrokken worden, recht daartegen over op de heuvel Gareb, en het zal zich wenden naar Goat.
En het gehele dal van de dode lichamen en van de as, en alle velden tot aan de beek Kidron, tot aan de hoek van de Paardenpoort naar het oosten, zullen heilig zijn voor de HEER; het zal niet meer worden uitgerukt noch afgebroken tot in eeuwigheid.