Terug naar Jesaja 41
VSV
Statenvertaling

Jesaja 41:24

Zie, gij zijt uit niets, en uw werk is uit niets; een gruwel is hij die u verkiest.

Kruisverwijzingen

Context

Jesaja 41 — omringende verzen

19

Ik zal in de woestijn planten de ceder, de acacia, de mirt en de olijfboom; Ik zal in de wildernis zetten de cypres, de den en de beusboom te zamen,

20

Opdat zij zien en weten, en overleggen en te zamen verstaan, dat de hand des HEREN dit gedaan heeft en de Heilige Israëls dit geschapen heeft.

21

Brengt uw rechtszaak voor, zegt de HEER; brengt uw krachtige bewijzen aan, zegt de Koning van Jakob.

22

Laat zij ze aanbrengen en ons verkondigen wat er gebeuren zal; laat hen de vroegere dingen verkondigen wat zij zijn, opdat wij ze in ons hart nemen en het einde ervan weten; of verkondigt ons de toekomstige dingen.

23

Verkondigt de dingen die hierna komen zullen, opdat wij weten dat gij goden zijt; ja, doet ook goed of doet kwaad, opdat wij verbaasd zijn en het te zamen zien.

24

Zie, gij zijt uit niets, en uw werk is uit niets; een gruwel is hij die u verkiest.

25

Ik heb er een verwekt uit het noorden, en hij is gekomen; van de opgang der zon zal hij Mijn Naam aanroepen, en hij zal over vorsten komen als over leem, en zoals de pottenbakker klei vertrapt.

26

Wie heeft het van den beginne verkondigd, opdat wij het weten, en van tevoren, opdat wij zeggen: Hij is rechtvaardig? Ja, er is niemand die het verkondigt, ja, er is niemand die het doet horen, ja, er is niemand die uw woorden hoort.

27

De eerste zal tot Sion zeggen: Zie, zie hen; en aan Jeruzalem zal Ik een boodschapper van goede tijding geven.

28

Want Ik zag om Mij heen, en er was niemand, ja, onder hen was er geen raadsman, dat Ik hen vragen kon en zij Mij antwoord gaven.

29

Zie, zij allen zijn ijdelheid, hun werken zijn niets; hun gegoten beelden zijn wind en ledigheid.