Jesaja 53:10
“Doch het behaagde de HEER Hem te verbrijzelen; Hij heeft Hem krank gemaakt; wanneer Gij Zijn ziel tot een offer voor de zonde zult gesteld hebben, zo zal Hij zaad zien, Hij zal de dagen verlengen, en het welbehagen des HEREN zal door Zijn hand gelukkiglijk voortgaan.”
Kruisverwijzingen
Context
Jesaja 53 — omringende verzen
Maar Hij is om onze overtredingen verwond, om onze ongerechtigheden verbrijzeld; de straf die ons de vrede aanbrengt, was op Hem, en door Zijn striemen is ons genezing geworden.
6Wij dwaalden allen als schapen, wij keerden ons een ieder naar zijn eigen weg; maar de HEER heeft ons aller ongerechtigheid op Hem doen aanlopen.
7Hij is mishandeld, maar Hij verdrukte Zichzelf, en deed Zijn mond niet open; als een lam werd Hij ter slachting geleid, en als een schaap dat stom is voor het aangezicht van zijn scheerders, alzo deed Hij Zijn mond niet open.
8Hij is uit de benauwdheid en uit het oordeel weggenomen; en wie zal Zijn leeftijd uitspreken? Want Hij is afgesneden uit het land der levenden; om de overtreding van Mijn volk is de plaag op Hem geweest.
9En men heeft Zijn graf bij de goddelozen gesteld, en Hij is bij de rijke in Zijn dood geweest, omdat Hij geen onrecht gedaan had en er geen bedrog in Zijn mond was.
Doch het behaagde de HEER Hem te verbrijzelen; Hij heeft Hem krank gemaakt; wanneer Gij Zijn ziel tot een offer voor de zonde zult gesteld hebben, zo zal Hij zaad zien, Hij zal de dagen verlengen, en het welbehagen des HEREN zal door Zijn hand gelukkiglijk voortgaan.
Om de moeite Zijner ziel zal Hij het zien en verzadigd worden; door Zijn kennis zal Mijn rechtvaardige Knecht velen rechtvaardig maken, en Hij zal hun ongerechtigheden dragen.
12Daarom zal Ik Hem een deel geven onder de groten, en Hij zal de machtigen als een roof delen, omdat Hij Zijn ziel uitgestort heeft in de dood en met de overtreders gerekend is, en Hij de zonden van velen gedragen en voor de overtreders gebeden heeft.