Jesaja 57:20
“Maar de goddelozen zijn als de woelige zee, die niet tot rust kan komen, waarvan de wateren slijk en modder opwerpen.”
Kruisverwijzingen
Context
Jesaja 57 — omringende verzen
Want zo zegt de Hoge en Verhevene die de eeuwigheid bewoont, wiens naam Heilig is: Ik woon in de hoge en heilige plaats, maar ook bij hem die een verbrijzeld en nederig van geest is, om de geest der nederigen te verkwikken, en om het hart der verbrijzelden te verkwikken.
16Want Ik zal niet voor eeuwig twisten, noch altoos toornig zijn; want de geest zou voor Mij bezwijken, en de zielen die Ik gemaakt heb.
17Om de ongerechtigheid van zijn hebzucht was Ik toornig, en Ik sloeg hem; Ik verborg Mij en was toornig, en hij ging eigenzinnig voort op de weg van zijn hart.
18Ik heb zijn wegen gezien en zal hem genezen; Ik zal hem ook leiden en hem troost herstellen, hem en zijn treurenden.
19Ik schep de vrucht der lippen: Vrede, vrede voor hem die ver is, en voor hem die nabij is, zegt de HEER; en Ik zal hem genezen.
Maar de goddelozen zijn als de woelige zee, die niet tot rust kan komen, waarvan de wateren slijk en modder opwerpen.
Er is geen vrede, zegt mijn God, voor de goddelozen.