VSV
StatenvertalingJob 35:3
“Want gij zeidet: Wat voordeel zal het U geven? en: Wat baat het mij, indien ik van mijn zonde gereinigd ben?”
Kruisverwijzingen
Context
Job 35 — omringende verzen
1
Elihu nam verder het woord en zeide:
2Meent gij dat dit recht is, dat gij zeidet: Mijn gerechtigheid is groter dan die van God?
3
4Want gij zeidet: Wat voordeel zal het U geven? en: Wat baat het mij, indien ik van mijn zonde gereinigd ben?
Ik zal u antwoorden, en uw metgezellen met u.
5Zie omhoog naar de hemelen en aanschouw ze; bezie de wolken die hoger zijn dan gij.
6Indien gij zondigt, wat doet gij dan tegen Hem? Of indien uw overtredingen talrijk zijn, wat doet gij Hem daarmee aan?
7Indien gij rechtvaardig bent, wat geeft gij Hem dan? Of wat ontvangt Hij van uw hand?
8Uw goddeloosheid kan een mens schaden die is zoals gij; en uw gerechtigheid kan de mensenkind ten goede komen.