Job 36:28
“Die de wolken neervallen laten en overvloedig op de mens neerdruipen.”
Kruisverwijzingen
Context
Job 36 — omringende verzen
Wie heeft Hem Zijn weg voorgeschreven? Of wie kan zeggen: Gij hebt onrecht gedaan?
24Gedenk dat gij Zijn werk groot maakt, hetwelk de mensen aanschouwen.
25Elk mens kan het zien; de mens kan het van verre beschouwen.
26Zie, God is groot, en wij begrijpen Hem niet; het getal van Zijn jaren is niet te doorgronden.
27Want Hij maakt de waterdruppels klein; zij stromen neer als regen naar Zijn damp:
Die de wolken neervallen laten en overvloedig op de mens neerdruipen.
Wie kan ook het uitspannen van de wolken begrijpen, of het gedreun van Zijn tent?
30Zie, Hij spreidt Zijn licht daarover, en bedekt de bodem van de zee.
31Want door deze dingen oordeelt Hij de volken; Hij geeft voedsel in overvloed.
32Met wolken bedekt Hij het licht; en Hij gebiedt dat het niet schijnt door de wolk die tussenbeide komt.
33Het gedreun daarvan kondigt het aan, het vee ook betreffende de damp.