Job 40:22
“De schaduwrijke bomen bedekken hem met hun schaduw; de wilgen der beek omringen hem.”
Kruisverwijzingen
Context
Job 40 — omringende verzen
Hij beweegt zijn staart als een ceder; de pezen van zijn dijen zijn ineengestrengeld.
18Zijn beenderen zijn als koperen buizen; zijn gebeente is als ijzeren staven.
19Hij is het eerste der werken Gods; Hij Die hem gemaakt heeft, kan Zijn zwaard tot hem doen naderen.
20Voorwaar, de bergen dragen voor hem voedsel voort, waar al het gedierte des velds speelt.
21Onder de schaduwrijke bomen ligt hij neer, in het verborgene van het riet en het moeras.
De schaduwrijke bomen bedekken hem met hun schaduw; de wilgen der beek omringen hem.
Zie, de rivier wordt gewelddadig, maar hij haast zich niet; hij vertrouwt erop dat hij de Jordaan in zijn muil kan opzuigen.
24Kan men hem grijpen terwijl hij toekijkt? Kan men zijn neus met een strik doorboren?