Jozua 19:49
“Toen zij een einde hadden gemaakt met het verdelen van het land tot een erfdeel naar hun grenzen, gaven de kinderen van Israël een erfdeel aan Jozua, de zoon van Nun, in hun midden;”
Kruisverwijzingen
Context
Jozua 19 — omringende verzen
En Elteke, en Gibbethon, en Baälath,
45En Jehud, en Bene-Berak, en Gath-Rimmon,
46En Me-Jarkon, en Rakkon, met het gebied tegenover Jafo.
47En het gebied der kinderen van Dan was te klein voor hen; daarom trokken de kinderen van Dan op om te strijden tegen Lesem, en namen het in, en sloegen het met de scherpte van het zwaard, en namen het in bezit, en woonden daarin, en noemden Lesem Dan, naar de naam van Dan hun vader.
48Dit is het erfdeel van de stam der kinderen van Dan naar hun families, deze steden met haar dorpen.
Toen zij een einde hadden gemaakt met het verdelen van het land tot een erfdeel naar hun grenzen, gaven de kinderen van Israël een erfdeel aan Jozua, de zoon van Nun, in hun midden;
Naar het woord van de HEER gaven zij hem de stad die hij gevraagd had, namelijk Timnath-Serah op het gebergte van Efraïm; en hij bouwde de stad en woonde daarin.
51Dit zijn de erfdeelen die Eleazar de priester, en Jozua de zoon van Nun, en de hoofden der vaderen van de stammen der kinderen van Israël, door het lot verdeeld hebben tot een erfdeel in Silo voor de HEER, aan de deur van de tent der samenkomst. Zo maakten zij een einde aan het verdelen van het land.