Kolossenzen 1:25
“Waarvan ik een dienaar geworden ben, naar de bediening van God, die mij voor u gegeven is, om het woord van God te vervullen;”
Kruisverwijzingen
Context
Kolossenzen 1 — omringende verzen
En dat Hij door Hem, vrede gemaakt hebbende door het bloed van Zijn kruis, alle dingen met Zichzelf verzoenen zou; door Hem, zeg ik, hetzij de dingen op de aarde, hetzij de dingen in de hemel.
21En u, die eertijds vervreemd en vijanden waart in uw gezindheid door de boze werken, heeft Hij nu toch verzoend,
22In het lichaam van Zijn vlees door de dood, om u heilig en onberispelijk en onbeschuldigbaar voor Zijn aangezicht te stellen;
23Indien u maar blijft in het geloof, gegrond en vast, en u niet laat afbrengen van de hoop van het evangelie, dat u gehoord hebt en dat gepredikt is aan elk schepsel dat onder de hemel is; van welk evangelie ik, Paulus, een dienaar ben geworden;
24Die nu blij ben in mijn lijden voor u, en in mijn vlees aanvul wat nog ontbreekt aan de verdrukkingen van Christus, voor Zijn lichaam, dat de gemeente is;
Waarvan ik een dienaar geworden ben, naar de bediening van God, die mij voor u gegeven is, om het woord van God te vervullen;
Namelijk het verborgen geheimenis, dat van eeuwen en van geslachten verborgen is geweest, maar nu geopenbaard is aan Zijn heiligen;
27Aan wie God bekend heeft willen maken welke de rijkdom is van de heerlijkheid van dit geheimenis onder de heidenen, dat is: Christus in u, de hoop der heerlijkheid;
28Welken wij prediken, ieder mens vermanende en ieder mens lerende in alle wijsheid, opdat wij ieder mens volmaakt stellen in Christus Jezus;
29Waartoe ik ook arbeide en strijd naar Zijn werking, die in mij krachtig werkt.