Lukas 14:31
“Of welke koning, uittrekkende om oorlog te voeren tegen een andere koning, gaat niet eerst zitten en beraadslaagt of hij met tienduizend man in staat is hem te ontmoeten die met twintigduizend tegen hem optrekt?”
Kruisverwijzingen
Context
Lukas 14 — omringende verzen
Indien iemand tot Mij komt en niet haat zijn vader en moeder, en vrouw en kinderen, en broeders en zusters, ja, en ook zijn eigen leven, die kan Mijn discipel niet zijn.
27En wie zijn kruis niet draagt en achter Mij komt, kan Mijn discipel niet zijn.
28Want wie van u, willende een toren bouwen, gaat niet eerst zitten en berekent de kosten, of hij genoeg heeft om die te voltooien?
29Opdat niet misschien, nadat hij het fundament gelegd heeft en niet in staat is die te voltooien, allen die het zien beginnen hem te bespotten,
30Zeggende: Deze man begon te bouwen en was niet in staat te voltooien.
Of welke koning, uittrekkende om oorlog te voeren tegen een andere koning, gaat niet eerst zitten en beraadslaagt of hij met tienduizend man in staat is hem te ontmoeten die met twintigduizend tegen hem optrekt?
Of anders, terwijl de ander nog ver weg is, zendt hij een gezantschap en vraagt om vredesvoorwaarden.
33Zo kan dan ook niemand van u die niet afstand doet van alles wat hij heeft, Mijn discipel zijn.
34Zout is goed, maar indien het zout zijn kracht verloren heeft, waarmee zal het gekruid worden?
35Het is noch voor het land, noch voor de mesthoop geschikt; men werpt het weg. Wie oren heeft om te horen, die hore.