Lukas 21:4
“Want al dezen hebben van hun overvloed bij de gaven van God geworpen; maar zij heeft van haar armoede al het levensonderhoud dat zij had, daarin geworpen.”
Kruisverwijzingen
Context
Lukas 21 — omringende verzen
En Hij sloeg Zijn ogen op en zag de rijken hun gaven in de schatkist werpen.
2En Hij zag ook een zekere arme weduwe daarin twee kleine munten werpen.
3En Hij zei: Waarlijk, Ik zeg u, dat deze arme weduwe meer geworpen heeft dan zij allen;
Want al dezen hebben van hun overvloed bij de gaven van God geworpen; maar zij heeft van haar armoede al het levensonderhoud dat zij had, daarin geworpen.
En toen sommigen spraken over de tempel, hoe hij versierd was met fraaie stenen en offers, zei Hij:
6Wat deze dingen betreft die u aanschouwt, er zullen dagen komen, waarin geen steen op de andere steen gelaten zal worden, die niet afgebroken zal worden.
7En zij vroegen Hem en zeiden: Meester, maar wanneer zullen deze dingen zijn? en wat zal het teken zijn wanneer deze dingen gaan geschieden?
8En Hij zei: Ziet toe dat u niet verleid wordt; want velen zullen komen in Mijn naam en zeggen: Ik ben de Christus; en de tijd is nabij: gaat hen dan niet na.
9Maar wanneer u van oorlogen en oproeren zult horen, wordt dan niet verschrikt; want deze dingen moeten eerst geschieden, maar het einde zal niet terstond zijn.