Lukas 22:37
“Want Ik zeg u, dat dit wat geschreven staat nog in Mij vervuld moet worden: En Hij is met de misdadigers gerekend; want de dingen die over Mij zijn, hebben een einde.”
Kruisverwijzingen
Context
Lukas 22 — omringende verzen
Maar Ik heb voor u gebeden, dat uw geloof niet ophoude; en gij, als gij eenmaal bekeerd zijt, versterk uw broederen.
33En hij zeide tot Hem: Heer, ik ben bereid met U te gaan, zowel in de gevangenis als in de dood.
34En Hij zeide: Ik zeg u, Petrus, de haan zal heden niet kraaien, eer gij driemaal verloochend zult hebben dat gij Mij kent.
35En Hij zeide tot hen: Toen Ik u uitzond zonder beurs, en reiszak, en sandalen, heeft u dan iets ontbroken? En zij zeiden: Niets.
36Maar Hij zeide tot hen: Maar nu, wie een beurs heeft, die neme die mee, en evenzo een reiszak; en wie geen zwaard heeft, die verkope zijn mantel en kope er een.
Want Ik zeg u, dat dit wat geschreven staat nog in Mij vervuld moet worden: En Hij is met de misdadigers gerekend; want de dingen die over Mij zijn, hebben een einde.
En zij zeiden: Heer, zie, hier zijn twee zwaarden. En Hij zeide tot hen: Het is genoeg.
39En Hij ging uit en begaf Zich, zoals Hij gewoon was, naar de Olijfberg; en Zijn discipelen volgden Hem ook.
40En toen Hij op de plaats gekomen was, zeide Hij tot hen: Bidt, dat gij niet in verzoeking inkomt.
41En Hij verwijderde Zich van hen ongeveer een steenworp ver, en knielde neder en bad,
42Zeggende: Vader, indien Gij wilt, neem deze drinkbeker van Mij weg; nochtans niet Mijn wil, maar de Uwe geschiede.