Terug naar Lukas 6
VSV
Statenvertaling

Lukas 6:39

En Hij sprak een gelijkenis tot hen: Kan een blinde een blinde leiden? Zullen zij niet beiden in de kuil vallen?

Kruisverwijzingen

Context

Lukas 6 — omringende verzen

34

En als u leent aan hen van wie u hoopt te ontvangen, wat dank hebt u daarvoor? want ook zondaars lenen aan zondaars, om evenveel terug te ontvangen.

35

Maar hebt uw vijanden lief, en doet goed, en leent zonder iets terug te verwachten; en uw loon zal groot zijn, en u zult kinderen van de Allerhoogste zijn; want Hij is goedertieren over de ondankbaren en de bozen.

36

Weest dan barmhartig, zoals ook uw Vader barmhartig is.

37

Oordeelt niet, en u zult niet geoordeeld worden; veroordeelt niet, en u zult niet veroordeeld worden; vergeeft, en u zult vergeven worden;

38

Geeft, en u zal gegeven worden; een goede maat, ingedrukt en geschud en overvloeiend, zullen de mensen in uw schoot geven. Want met dezelfde maat waarmee u meet, zal het u weder gemeten worden.

39

En Hij sprak een gelijkenis tot hen: Kan een blinde een blinde leiden? Zullen zij niet beiden in de kuil vallen?

40

De discipel staat niet boven zijn meester; maar ieder die volmaakt is, zal zijn als zijn meester.

41

En waarom ziet u de splinter die in het oog van uw broeder is, maar merkt u de balk die in uw eigen oog is niet op?

42

Of hoe kunt u tot uw broeder zeggen: Broeder, laat mij de splinter uit uw oog halen, terwijl u zelf de balk in uw eigen oog niet opmerkt? Huichelaar, haal eerst de balk uit uw eigen oog, en dan zult u duidelijk zien om de splinter uit het oog van uw broeder te halen.

43

Want een goede boom brengt geen bedorven vrucht voort; en een bedorven boom brengt geen goede vrucht voort.

44

Want elke boom wordt aan zijn eigen vrucht gekend. Want men plukt geen vijgen van dorens, en men oogst geen druiven van een braamstruik.