Markus 1:19
“En toen Hij vandaar een weinig verder gegaan was, zag Hij Jakobus, de zoon van Zebedeüs, en zijn broeder Johannes, die ook in het schip waren en hun netten verstelden.”
Kruisverwijzingen
Context
Markus 1 — omringende verzen
Nadat nu Johannes gevangen gezet was, kwam Jezus naar Galilea en predikte het evangelie van het Koninkrijk van God,
15En zei: De tijd is vervuld en het Koninkrijk van God is nabijgekomen; bekeert u en gelooft het evangelie.
16En toen Hij langs de zee van Galilea wandelde, zag Hij Simon en zijn broeder Andreas, die een net in de zee wierpen, want zij waren vissers.
17En Jezus zei tot hen: Komt achter Mij aan, en Ik zal maken dat u vissers van mensen wordt.
18En zij verlieten terstond hun netten en volgden Hem.
En toen Hij vandaar een weinig verder gegaan was, zag Hij Jakobus, de zoon van Zebedeüs, en zijn broeder Johannes, die ook in het schip waren en hun netten verstelden.
En Hij riep hen terstond; en zij lieten hun vader Zebedeüs in het schip met de loonarbeiders achter en gingen achter Hem aan.
21En zij gingen Kapernaüm binnen; en terstond op de sabbatdag ging Hij de synagoge in en onderwees.
22En zij stonden versteld over Zijn leer, want Hij onderwees hen als iemand met gezag, en niet als de schriftgeleerden.
23En er was in hun synagoge een man met een onreine geest; en hij schreeuwde,
24Zeggende: Laat ons met rust! Wat hebben wij met U te maken, Jezus van Nazareth? Bent U gekomen om ons te verderven? Ik weet Wie U bent, de Heilige Gods.