Markus 3:33
“En Hij antwoordde hun en zeide: Wie is Mijn moeder of wie zijn Mijn broeders?”
Kruisverwijzingen
Context
Markus 3 — omringende verzen
Voorwaar, Ik zeg u: Alle zonden zullen de mensenkinderen vergeven worden, en de godslasteringen waarmee zij ook lasteren,
29Maar wie tegen de Heilige Geest zal lasteren, heeft in eeuwigheid geen vergeving, maar is schuldig aan een eeuwig oordeel.
30Want zij zeiden: Hij heeft een onreine geest.
31Toen kwamen Zijn broeders en Zijn moeder, en zij bleven buiten staan en zonden tot Hem om Hem te roepen.
32En de menigte zat rondom Hem, en zij zeiden tot Hem: Zie, Uw moeder en Uw broeders zoeken U daarbuiten.
En Hij antwoordde hun en zeide: Wie is Mijn moeder of wie zijn Mijn broeders?
En Hij keek rond op hen die rondom Hem zaten en zeide: Zie, Mijn moeder en Mijn broeders!
35Want wie de wil van God doet, die is Mijn broeder en Mijn zuster en moeder.