Markus 5:35
“Terwijl Hij nog sprak, kwamen er enigen van het huis van de overste der synagoge, die zeiden: Uw dochter is gestorven; waarom valt u de Meester nog langer lastig?”
Kruisverwijzingen
Context
Markus 5 — omringende verzen
En Jezus, onmiddellijk in Zichzelf merkende dat er kracht van Hem uitgegaan was, keerde Zich om in de menigte en zeide: Wie heeft Mijn kleren aangeraakt?
31En Zijn discipelen zeiden tot Hem: Gij ziet de menigte die op U aandringt, en zegt Gij: Wie heeft Mij aangeraakt?
32En Hij keek om Zich heen om haar te zien die dit gedaan had.
33Maar de vrouw, bevreesd en bevend, wetende wat er in haar geschied was, kwam en viel voor Hem neder, en vertelde Hem de volle waarheid.
34En Hij zeide tot haar: Dochter, uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede, en wees genezen van uw plaag.
Terwijl Hij nog sprak, kwamen er enigen van het huis van de overste der synagoge, die zeiden: Uw dochter is gestorven; waarom valt u de Meester nog langer lastig?
Zodra Jezus het woord hoorde dat gesproken werd, zeide Hij tot de overste der synagoge: Vrees niet, geloof alleen.
37En Hij liet niemand Hem volgen dan Petrus, en Jakobus, en Johannes, de broeder van Jakobus.
38En Hij komt aan het huis van de overste der synagoge, en ziet het tumult, en hen die weenden en luid klaagden.
39En nadat Hij binnengegaan was, zeide Hij tot hen: Waarom maakt gij dit rumoer en weent gij? Het meisje is niet gestorven, maar slaapt.
40En zij lachten Hem uit. Maar nadat Hij hen allen buiten gezet had, nam Hij de vader en de moeder van het meisje, en hen die bij Hem waren, mee, en ging naar binnen waar het meisje lag.