Mattheüs 10:24
“De discipel staat niet boven zijn meester, noch de dienaar boven zijn heer.”
Kruisverwijzingen
Context
Mattheüs 10 — omringende verzen
Maar wanneer zij u overleveren, maakt u dan geen zorgen over hoe of wat u spreken zult; want het zal u in dat uur gegeven worden wat u spreken zult.
20Want u bent het niet die spreekt, maar de Geest van uw Vader is het die in u spreekt.
21En de broeder zal de broeder overleveren aan de dood, en de vader het kind; en de kinderen zullen opstaan tegen hun ouders en hen ter dood laten brengen.
22En u zult door allen gehaat worden om Mijn naam; maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden.
23Maar wanneer zij u in deze stad vervolgen, vlucht in een andere; want voorwaar, Ik zeg u: U zult met de steden Israëls niet gereed zijn, totdat de Zoon des mensen gekomen is.
De discipel staat niet boven zijn meester, noch de dienaar boven zijn heer.
Het is genoeg voor de discipel dat hij als zijn meester zij, en de dienaar als zijn heer. Indien zij de heer des huizes Beëlzebul hebben genoemd, hoeveel te meer zullen zij die van zijn huisgezin zijn!
26Vreest hen dan niet; want er is niets bedekt dat niet geopenbaard zal worden, en verborgen dat niet bekend zal worden.
27Wat Ik u zeg in de duisternis, spreekt dat in het licht; en wat u in het oor hoort, predikt dat op de daken.
28En vreest niet hen die het lichaam doden, maar de ziel niet kunnen doden; vreest veeleer Hem Die zowel ziel als lichaam in de hel kan verderven.
29Worden niet twee mussen voor een penning verkocht? En niet één van hen zal op de grond vallen buiten uw Vader om.